Compact Cassette is ontwikkeld door o.a. Lou Ottens werkzaam bij
Philips en op de markt gebracht in augustus 1963.
Lou Ottens kwam in 1952 in dienst bij Philips Eindhoven bij de afdeling
"mechaniek"
In 1957 verhuisde hij naar de fabriek van Philips in het Belgische
Hasselt. Deze fabriek produceerde audio apparatuur en
voornnamelijk platenspelers, bandrecorders en platenspelers.
In 1960 werd Lau Ottens hoofd van de afdeling "Research &
Development" (R&D)
In dat zelfde jaar ontwikkelde de R& D afdeling de eerste draagbare
getransisoriseerde bandrecorder de EL3585. De EL3585 was de
opvolger van de EL3514. Dit was een groot succes er zijn over de 1
milijoen exemplaren van verkocht.

Philips EL3585
Philips EL3514
en EL3585
De Philips bandrecorder was sinds 1953 aanwezig in de huiskamer. De
eerste
consumenten bandrecorder van Philips was de EL3530
Het afspelen en opnemen van banden bandrecorder banden was voor de
gemiddelde consument omslachtig met twee losse spoelen.

Philips EL3530
Na het succes van de EL3585 werd er nagedacht over een simpele,
goedkoope, kleine manier van het afspelen en opnemen van spraak en
muziek. Ook moest het stroomverbruik laag zijn. De audio kwaliteit
moest redelijk zijn.
Het Amerikaanse bedrijf RCA had al een audio cassette maar men vond dit
te groot en de bandsnelheid 9,5 cm/s vond men ook te hoog.
In eerste insantie werd de casstterecorder ontwikkeld voor het opnemen
van spraak maar dit is later verandert naar muiekweergave.
Lou Ottens had een model gemaakt van een blok hout dit moest in zijn
jaszak passen. Aan de hand van dit blok hout is de cassetterecorder
ontwikkeld wat betreft afmetingen.
De eerste Philips cassetterecorder was de EL3300. Het is een twee
sporen mono cassetterecorder. De bandsnelheid is 4,75 cm/s. De band is
3,8mm breed
De bediening was eenvoudig met een knop. Dit loopwerk is in gebruik
gebleven tot halverwege de jaren 70. Philips had een patent op de
compact cassette maar heeft dit een paar jaar later vrij gegeven zodat
de concurrentie ook
cassetterecorders kon producren.
De compact cassette was een groot succes en werd de wereld standaard
met een verkooppiek begin
jaren 90. Nu neemt de populariteit weer toe alleen goede cassettedecks
worden er nieuw niet meer gemaakt.
Een paar jaar na de introductie van de Compact Cassette in 1965 kwam de
8-track cassette op de markt. Dit was een 8 sporen cassette. Voor
stereo stonden er 4 "programma's op. Die automatisch wisselde door een
geleidend stukje materiaal op de tape.
De 8-track is ontwikkeld door een aantal fabrikanten : Ampex, Ford
Motor company, General Motors, Motorola en RCA onder leiding van Bill
Lear (Lear Jet Company) Bill Lear was zakenman en uitvinder. Zijn
bedrijf Lear Jet was producent van zakenvliegtuigen.
De breedte van de tape is 0,64mm breed en heeft een snelheid van
9,5cm/s. De tape zit in lus op een spoel en wordt aan begin van de
spoel er uit getrokken. Dit levert wel snelheids wisselingen op door
wrijving van de tape.
8-track was de concurent van de compact cassette en was eerst populair
in Noord-Amerika en Canada. Het werd voornamelijk gebruikt in de auto.
Later werd het ook populair in Groot-Britannie, Ierland en Japan. Groot
voordeel was dat het eindeloos kan doorspelen.
De 8-track was in gebruik tot begin jaren 80. Net als compact cassette
kent ook 8-track een lichte opleving. Er worden geen 8-track cassttes
en afspeel apparatuur meer gemaakt.
8-track is ook nog lange tijd in gebruik geweest voor het weergeven van
achtergrond muziek in o.a. winkels. 8-track cassettes waren meestal
verkocht met muziek. Er waren wel lege 8-track cassettes maar deze
waren net als recorders erg schaars.


Pioneer HL-99 8-track recorder (1974)
In eerste instantie werden er alleen lege cassettes verkocht. Later
volgde ook cassettes die vooraf waren opgenomen
dit was de muziekcassette.
De meeste gebruikte speeltijden waren 2x60 minuten en 2x90 minuten.
De EL3300 werd opgevolgd door de EL3301 en EL3302. Welke uiterlijk
verschillend waren maar de techniek was identiek.


EL3302
"B-merken" Erres en Aristona verkochten deze cassetterecorders
ook. Ook verkocht Philips deze als OEM-product aan andere fabrikanten
o.a. het Zwitserse bedrijf Biennophone

Van links naar rechts Philips EL3302, Aristona 9158, Erres 6102 en
Biennophone MD9104

Van links naar rechts Philips EL3302, Aristona 9158, Erres 6102 en
Biennophone MD9104
De N2203 was de laatste model cassetterecorder gebasseerd op de EL3300

Philips N2203 in leren tas (1975)
De bandrecorders van het Philips hadden het type nummer EL35 gevolgd
door twee cijfers.
De cassettereccorders van Pihlips hadden het type nummer EL33 gevolgd
door twee cijfers.
Begin jaren 70 werd het type nummer aangepast naar N gevolgd door 4
cijfers
Het eerste cijfer gaf het type apparaat weer 4 bandrecorder 2
cassetterecorder 8 microfoon
Het tweede cijfer was het aantal sporen en ingebouwde versterker. 2 2
sporen cassetterecorder met versterker, 3 2 sporen mono banderecorder,
4 4 sporen bandrecorder of cassetterecorder met versterker 5 4 sporen
bandrecorder of cassettercorder met versterker.
De laatste twee cijfers was een uniek voor elke model apparaat.
Dit systeem is in gebruik geweest tot eind jaren 70.
Eind jaren 60 werden er ook radio/cassetterecorder verkocht. In eerste
instantie met de de eenknops bediening.

Philips 22RR200 (1970)
Philips 22RR320 (1972)

Philips 22RR393 (1969)
In het begin was de compact cassette niet heel goed maar zowel de
recorders als ook de tape zelf werd door ontwikkeld
Zo kwam er de stereo recorders en ook verschillende tape soorten : de
standaard "normal" Ferro oxide, Chrome Oxide "CrO2" (betere
frequentiebereik) en als laartste metal.
De nornmal tape en CrO2 tape zijn de meest gebruikte tape soorten.
De eerste doorontwikkeling van het loopwerk was de N2205. Dit loopwerk
heeft wel sterkte overeenkomsten met de eenknopsloopwerken. Alleen de
bediening is anders.


Philips N2205 (1972)
Aristona 9115
De N2205 was ook te zien in de James Bond film "Diamonds are Forever"
(1971). In deze film speelde de Philips wereldontvanger L6X38T ook een
rol.
Eind jaren 60 werd de Philips HiFi afdeling opgericht.
Stereo weergave werd geïntroduceerd in de huiskamer. De
platenspeler kon stereo weergeven zo ook de bandrecorder. Ook FM stereo
werd steeds vaker uitgezonden.
In 1968 kwam de eerste stereo cassettespeler op markt de N2500. Later
volge de eerste
stereo recorder. Een combinatie receiver / cassetterecorder dit was
Philips 22RH882 (1968).
Het mechanisch cassette deel was identiek aan de N2500.
Het receiver
deel is de 22RH781 (1968). Dit waren de eerste producten van de
toen net
opgerichte HiFi afdeling van Philips

Philips 22RH781 (1968)

Philips 22RH882 (1968)
De compact cassette / muziek cassette bereikte de status "HiFi""
Niet alleen onderweg en thuis maar ook in de auto deed de compact
cassette haar
intrede.

De Philips N2605 (1975) was een mono afspeler die op een autoradio kon
worden aangesloten middels een 6 polige din-plug.
Er waren ook autoradio's met cassette afspeler zoals de hieronder
afgbeelde 22AC860 (1976)

Begin jaren 70 had de cassetterecorder zijn plek gevonden in de
huiskamer. De geluidskwaliteit werd steeds beter.


N2400
N2405
De Philips N2400 is een stereo cassetterecorder uit 1972 met inbouwde
stereoversterker.
Deze is enkele jaren verkocht en heeft in 1975 een ander uiterlijk
gerkregen dit was de N2405. Electronisch en mechanisch identiek aan de
N2400 maar dan met een ander uiterlijk.
De eerste cassettrecorder die voldeed aan de normen voor "HiFi" was de
N2510. Deze kon niet alleen "normal" cassettes afspelen en opnemen maar
ook de betere CrO2 cassettes
N2510 (1973)
Deze is later opgevolgd door de N2520


Philips N2520 (1974)
Aristona EK3120
Niet alleen de vormgeving veranderde maar ook de techniek. Een van de
beste cassetterecorders die Philips gemaakt heeft is de N2521 (1978)

Langzaam werden de afmetingen in HiFi standaard 43cm of 36cm en werden
de componetnen stapelbaar. Ook
Philips ging daar in mee

Philips N2533 (1979)
Philips N5151 (1980)
De type nummering werd aangepast begin jaren tachtig de N nummering
verdween zo ook de type nummers beginnende met 22
Het type nummer begon nu met de letter F het eerste cijfer gaf het type
apparaat aan 6 = cassettedeck, 2 = tuner, 4 = versterker, 5 = tuner 7 =
platenspeler

Philips F6622
De kleur veranderde van zilverkleurig naar zwart ook de type nummers
werden weer aangepast. Het typenummer begon met 70F, de tweede letter
was het type apparaat C = cassettedeck, A = versterker, T =
tuner, P = platenspeler
Deze typenummering werd gebruikt tot het einde van "Hi-Fi" van Philips.

70FC563
Begin jaren 90 was Philips voor een groot deel eigenaar van Marantz.
Samen met Marantz heeft Philips het laatste goede Hi-Fi appatuur
gemaakt de 900 serie.

70FC931
Philips heeft toen ook een digitale variant ontwikkelt van de compact
cassette de DCC waarover later in een artikel meer.
In de jaren 90 was de populariteit van de cassette op haar hoogtepunt
wereldwijd. Mede door de Sony Walkman en de boombox. Muziek luisteren
was
niet meer alleen mogelijk in de huiskamer maar ook in de tiener
slaapkaner en buiten.
Je maakte zelf je cassettebandjes door muziek op te nemen van de radio.
Je hoopte dan dat de DJ niet door het intro en outro praatte.
De cassetterecorder had wel onderhoud nodig. Regelmatig moesten de
koppen, toonas en aandrukrol gereinigd worden. Het wilde wel eens
voorkomen dat de casseteband lust. Oorzaak meestal acherstallig
onderhoud.
Je kon dan met potlood de cassette weer opwinden.


Erres SX5485
Grundig C2800


Philips D8434
Sharp WQ-T251
De concurerende fabrikanten maakten uiteraard ook cassettedecks.
Philips had immers de licentie vrijgegeven wel moest iedereen zich
houden aan de standaard door Philips opgesteld.
Enige voorbeelden
Akai was een Japanse fabrikant. En maakte in de jaren 70 goede
apparatuur tegen een
redelijke prijs. In de jaren 80 ging de kwaliteit hard achteruit wat er
uit
eindelijk toe leidde dat Akai consumenten failliet is gegaan.


Akai GX-30D (1973)
Akai GXC-36D
(1973) glass ferrite koppen

Akai GXC-38D (1973)
Akai GX-703D ( 1979)
Bang&Olufsen was een Deens merk die met name design hoog in het
vaandel had staan. Wat betreft techniek was er intern veel Philips te
vinden.


Beocord 2000 (1984)
Beocord 2400
(1982)
Dual vooral bekend van de platenspelers maakte ook andere Hi-Fi
apparatuur


Dual C919 1977
Kenwood KX-520 (1978) de overgang
tussen bovenladers en voorladers t.b.v. stabelbare Hi-Fi

Tascam 133 professioneel cassettedeck 2 sporen stereo cue spoor.
Snelheid 4,75 cm/s en 9,5cm/s. Alleen geschikt voor CrO2 cassettes.
Is wel beperkt in frequentieweergave omdat de sporen smaller zijn.