Werking AN/GRC9 en de bijbehorende antennes

De ontvanger werkt alleen met aangesloten koptelefoon of luidspreker. Dit was om te voorkomen dat de batterij leegliep als de ontvanger op batterijen werkt.
De AN/GRC9 is waterdicht als het deksel er op zit en blijft drijven op het water.
Na de Tweede Wereldoorlog was het Duitse bedrijven strikt verboden om actief te zijn in onderzoek en ontwikkeling of productie van radiocommunicatieapparatuur. Na een paar jaar was dit verbod al weer versoepeld en later helemaal opgeheven. De Duitse industrie had hierdoor wel een achterstand
op telecommunicatieappratuur. De oplossing van de Amerikanen was dat men de GRC-9 mocht produceren. In 1953 ontving Telefunken deze opdracht als eerste fabrikant.
Dit was wel een uitdaging voor Telefunken. De GRC-9 moest aan strenge eisen voldoen (militaire standaards) waar Telefunken geen ervaring mee had. In februari 1954 werd de overeenkomst gesloten voor levering van 6000 stuks GRC-9. Eind 1955 kwam er een vervolgopdracht voor levering van 2500 stuks.

AN/GRC-9
Aangezien er op de GRC-9 Franstalige tekst en Engelse tekst kan staan. Staat de Franse vertaling tussen haakjes.
De GRC-9 heeft drie golfbereiken: (M) band 1(gamme) 6,6 – 12 MHz, band 2 (gamme) 3,6 – 6,6 MHz en band 3 (gamme) 2 – 3,6 MHz.
De ontvanger is geschikt voor de ontvangst van AM phone (phonie) of CW (O.E.P.)
Dit kan geselecteerd worden met schakelaar L. In de stand NET (RESEAU) kunnen zender en ontvanger nauwkeurig op elkaar worden afgestemd. De gevoeligheid van de ontvanger is dan een stuk lager.
In laatste stand van schakelaar L CAL (ETAL) wordt de ingebouwde ijkgenerator ingeschakeld deze geeft om de 200 kHz een ijksignaal.
AF-gain O (GAIN B.F.) spreekt voor zich dit is volume regeling van LF signaal
RF-gain P (GAIN H.F.) regelt de versterking van de HF voorversterker.
Voor het gebruik van een luidspreker LD-7 of een koptelefoon moet de impedantie aangepast worden. Achterop de ontvanger zit een schakelaar voor de impedantie aanpassing.
4000 ohm voor gebruik met de luidspreker LS-7 en 250 ohm voor de koptelefoon.

impedantie schakelaar ontvanger

De antenne ingang van de ontvanger is symmetrisch en heeft een impedantie van 50 ohm.

Blokschema ontvanger

Het antennesignaal wordt versterkt door V1 1L4. Het HF signaal wordt vervolgens naar 456 kHz gemixt door buis V2 1R5. De andere helft van deze buis is de oscillator.
Er zijn twee buizen voor het versterken van de midden-frequent V3 1L4 en V4 1R5.
De andere helft van buis V4 is de ijkgenerator. Buis V-5 1S5 is de LF versterker en de detector.
Voor CW en LSB ontvangst is er een zweving oscillator BFO V7 1R5. Deze wekt 228 kHz op.
De tweede harmonische hiervan wordt voor de BFO gebruikt. Het LF-signaal wordt vervolgens versterkt door de eindbuis 3Q4.

De zender kan met schakelaar D ingesteld worden op AM Phone (phonie) modulated CW MCW (OEM) of CW (OEP). Per stand kan laag (Faible) of hoog (Fort) vermogen ingesteld worden.
Hoog vermogen bij AM is 7 watt en bij CW 15 watt. Laag vermogen bij AM is 1 watt en bij CW 5 watt.
Schakelaar F is de band (gamme) keuze schakelaar. Per band kunnen er twee kristal gekozen worden. De kristalfrequentie is de helft van de gewenste frequentie.
In de stand MO wordt de frequentie afgestemd met de afstemknop I.
De frequentie wordt afstemt met behulp van de ijkkaart. Deze ijkkaart is aangepast aan de zender en is voor elke zender anders. De serienummers van zender en ijkkaart moeten dan ook aan elkaar gelijk zijn.
Het serienummer staat rechts op de kaart. De GRC-9 is nog origineel als het serienummer van de ijkkaart, zender en ontvanger identiek zijn.
(Figuur 4 ijkkaart zender GRC-9)
Op de schaal achter het venster staan de honderdtallen aangeven. Op de verdeling van de afstemknop (I) kan men de tientallen en eenheden aflezen.
Stel men wil de zender instellen 7050 kHz (6900 + 150 kHz). Zoek op de kaart bij band 1 onder kolom freq. naar 6900 kijk dan op die rij bij kolom +150 kHz naar het juiste getal.
(Figuur 5 interpolatie formule)
Wanneer men een frequentie wil afstemmen tussen bijvoorbeeld +100kHz en 150 kHz.
Kan men het juiste getal berekenen door de gebruik te maken van de formule zie onderstaande afbeelding

Wil men zender en ontvanger op dezelfde frequentie zetten. Zet dan de ontvanger met schakelaar L op de stand Net (RESEAU) De zender is nu gedeeltelijk in werking. Stel de zender met behulp van de ijkkaart af op de ontvangstfrequentie. De zender mag hierbij niet op AM Phone (PHONIE) staan. Er is nu een zwevingstoon hoorbaar. Draai aan de afstemknop (I) van de zender totdat de zwevingstoon minimaal of stil is. Zender en ontvanger zijn nu op elkaar afgestemd.
Met knop G SIDE TONE VOL (ECOUTE LOCALE VOL) kan het volume van de CW toon tijdens het seinen ingesteld worden. Met knop H OSC. CAL CONTROL kan de variabele stuur oscillator worden aangepast.

Het zender gedeelte bevat een antenne aanpassing deze kan niet iedere antenne aanpassen. De antenne aanpassing is alleen geschikt voor de voorgeschreven antennes
Met schakelaar A kan de antenne soort worden gekozen
standen 1-4  whip (fouet) zijn voor de verticale antenne bestaande uit 3 stuks antennedeel MS-116-A, 1 stuks antennedeel MS-117-A en een stuks MS-118A (totale lengte ongeveer 4,5m).


Antennedelen MS-116A, MS-117A en MS-118A

De verticale antenne kan met behulp van antennesteun IN-127 aan de zijkant van de GRC-9 gezet worden.

antennesteun IN-127

Verbind de aansluitklem van de  antennesteun IN-127 met 30cm draad aan op klem ANT van de GRC-9.
Verbind de tegencapaciteit CP12 en CP13 met klem GND (Terre) op de ontvanger.


tegencapaciteit CP12 en CP13

Standen 5-8 Reel (Filaire) zijn bedoelt voor de langdraad antenne AT-101/GRC-9 en AT102/GRC-9.


antenne AT-101/GRC-9 en AT102/GRC-9

Sluit deze antenne aan op de klem ANT. Er is geen tegencapaciteit nodig.
Deze antenne komt men niet zo veel meer tegen. En kan makkelijk zelf gemaakt worden.
De antenne kan afgestemd worden op de juiste frequentie door de delen met elkaar te verbinden.
Hieronder staan de insteltabellen en de lengtes van de secties.
Antenne AT-101/ GRC-9 en AT102/GRC-9
X = gesloten O = open
F (MHz) 1 2 3 4 5 6 7 8
12-9,9 O O O O O O O O
9,9-9 X O O O O O O O
9-8,4 X X O O O O O O
8,4-7,5 X X X O O O O O
7,5-6 X X X X O O O O
6-5,3 X X X X X O O O
5,3-4,9 X X X X X X O O
4,9-4,3 X X X X X X X O
Instelkaart AT-101/GRC-9)

Voor de lagere banden moet AT101 en AT102 gecombineerd worden

Lengte[cm] ophang ophang ophang totaal
1 428 730 250 1408
2 218 1628
3 140 1766
4 173 1939
5 320 2259
6 367 2626
7 230 2856
8 443 einde 3299
lengtes AT-101/GRC-9

X= gesloten O = open
F (MHz) 8 9 10 11 12 13 14 15 16
4,3-3,9 O O O O O O O O O
3,9-3,2 X O O O O O O O O
3,2-3,1 X X O O O O O O O
3,1-2,9 X X X O O O O O O
2,9-2,7 X X X X O O O O O
2,7-2,55 X X X X X O O O O
2,55-2,4 X X X X X X O O O
2,4-2,2 X X X X X X X O O
2,4-2 X X X X X X X X X
Instelkaart AT-102/GRC-9

Lengte[cm] ophang ophang totaal
8 540 3829
9 518 4357
10 380 4737
11 358 5096
12 443 5538
13 475 6013
14 520 6533
15 550 7083
16 500 einde 7583
Lengtes AT-102/GRC-9

Men kan ook van een losse draad gebruik maken. In onderstaande tabel staan de voorgeschreven lengtes.  
Frequentie [MHz] Antenne lengte inclusief invoer [m]
12 - 0,9 14
7,5 - 6 22,4
6 - 5,3 26
3,9 - 3,2 43,4


De standen 9 – 11 Doublet zijn bedoelt voor een dipool antenne met een impedantie tussen de 50 – 72 ohm. Sluit de ene helft van de dipool aan op klem ANT. De andere helft op de onderste klem doublet.
Verbind de onderste klem doublet met GND (terre) op de ontvanger wanneer men een asymmetrische antenne van 50 ohm wil aansluiten.
De voorgeschreven lengte van dipool in meters
F [Mhz] Lengte dipool helft [m]
9,9 - 10,5 7
6,9 - 7,5 10,1
5,3 - 5,450 13,6
3,725 - 3,850 19,4
3,6 - 3,725 20,1
3,520 - 3,6 20,7
3,440 - 3,520 21,3

De maximale antenne stroom wordt weergeven met de neon lamp B. Zet de zender op laag vermogen.
Schakel de zender niet langer dan 15 seconde tijdens het afstemmen. Draai aan knop A (antenneselectie) en C totdat de neonlamp maximaal brand.
Bij gebruik van 50 asymmetrische antennes is het beter om gebruik te maken van een losse SWR/vermogensmeter. De neon lamp geeft dan niet altijd de beste instelling weer.

De ontvanger is direct met de ANT klem verbonden in de stand doublet.
In de standen Whip (Fouet) en Reel (Filaire) is de ontvanger via een balun aangesloten.

blokschema zender)
De zender heeft 5 buizen
Buis V101 3A4 is de stuuroscillator die variabel of kristal gestuurd kan zijn. Deze wekt de helft van de zendfrequentie op. Deze frequentie wordt verdubbelt met buis V102 3A4 welke de klasse C HF eindversterker aanstuurt V103 2E22. V105 3A4 is de modulator.
De 3A4 is een batterijbuisje met een gloeispanning van 1,2V. Alle drie de 3A4 buizen worden via een serieweerstand gevoed uit 6,3V gloeispanning.
De hoogspanning voor alle drie de 3A4 buizen wordt gestabiliseerd met een VR105/OC3 stabilisatiebuis V104.
De bijbehorende microfoon T-17 is een koolmicrofoon. Er moet een voorversterker worden gebuikt Als men gebruik wil maken van een dynamische microfoon.

Dit artikel is geschreven met behulp van de originele handleiding VTH-11-156 welke is uitgegeven door het ministerie van oorlog De blokschema’s van zender en ontvanger en figuur interpolatieformule zijn afkomstig uit deze handleiding.
Veel plezier met het maken van verbindingen met de GRC-9.

home